In b├Ęta

Les "Over leven en overleven in kamp Westerbork, 1942"

Na hun arrestatie werden Roosje en haar moeder naar Kamp Westerbork gebracht. De Joden werd het idee gegeven dat ze van daaruit naar werkkampen in Oost-Europa zouden  worden gestuurd. Er hing een permanente angst om gedeporteerd te worden. De kampleiding deed er alles aan om Westerbork als een 'aangenaam' kamp te beleven. Men kon sporten, cursussen volgen en naar cabaret voorstellingen gaan. Roosje heeft direct door dat ze zich nuttig moet maken om ervoor te zorgen dat ze niet op de trein worden gezet. Ze gaat een vriendschap aan met een Nederlandse officier in Duitse dienst. Ze kan als secretaresse aan het werk en ze doet er alles aan om te voorkomen dat haar ouders en zijzelf  op de gevreesde transportlijst worden gezet.

Leerdoelen

De leerlingen ....   

  • kunnen het dagelijks leven in kamp Westerbork beschrijven.
  • kunnen uitleggen waarom Roosje er alles voor deed om in Westerbork een baantje te krijgen
  • kunnen zich voorstellen hoe groot de 'dinsdag-angst' geweest moet zijn
  • kunnen verwoorden welke keuzes Roosje maakt om te overleven 
  • vragen zich af wat zij gedaan zouden hebben in die omstandigheden
  • kunnen individueel en in groep(jes) werken.

 

De leerlingen kennen begrippen als .... 

  • concentratiekamp, angst, deportatieangst, deportatie, overleven, grenzen aftasten, dilemma

Voorkennis

  • De leerlingen moeten weten waar Westerbork, Auschwitz en Sobibor liggen.
  • De leerlingen hebben globale kennis over het begrip 'concentratiekamp'.

Toetsing/afsluiting

  • Antwoorden op de vragen/ opdrachten
  • Klassengesprekken
  • Een poster