In b├Ęta

Les "Over leven en overleven in Kamp Westerbork"

Na hun arrestatie werden Roosje en haar moeder naar Kamp Westerbork gebracht. De Joden werd het idee gegeven dat ze van daaruit naar werkkampen in Oost-Europa zouden worden gestuurd. Er hing een permanente angst om gedeporteerd te worden. De kampleiding deed er alles aan om Westerbork als een 'aangenaam' kamp te laten beleven. Men kon er sporten, cursussen volgen en naar cabaret voorstellingen gaan. Roosje heeft direct door dat ze zich nuttig moet maken om ervoor te zorgen dat ze niet op de trein worden gezet. Ze gaat een vriendschap aan met een Nederlandse officier in Duitse dienst. Ze kan als secretaresse aan het werk en doet er alles aan om te voorkomen dat haar ouders en zijzelf op de gevreesde transportlijst worden gezet.

Leerdoelen

De volgende leerdoelen zijn van toepassing:

  • Leerlingen kunnen het dagelijks leven in kamp Westerbork beschrijven
  • Leerlingen kunnen uitleggen waarom je er alles voor deed om in Westerbork een baantje te krijgen
  • Leerlingen kunnen zich voorstellen hoe groot de dinsdag-angst geweest moet zijn
  • Leerlingen kunnen verwoorden welke keuzes Roosje maakt om te overleven
  • Leerlingen vragen zich af wat zij gedaan zouden hebben in die omstandigheden
  • Leerlingen kunnen met de volgende begrippen en termen goed omgaan: illusie, angst, deportatie, overleven, grenzen aftasten, sociaal en moreel dilemma.

Voorkennis

De volgende voorkennis of voorbereidingen zijn wenselijk:

  • De leerkracht neemt kennis van de inleestekst, de lesopzet, de opdrachten, de filmpjes en het beeldmateriaal.

Toetsing/afsluiting

De leerlingen werken enkele opdrachten, gegeven door de docent, uit.